|
|
Uiterlijk
- Een volwassen huisboktor is tussen de 1 tot 2,5 cm lang. Hij is bruinzwart en heeft 2 grijsachtige vlekken
- De larve heeft een lengte tot 3 cm, is geelachtig wit en heeft goede ontwikkelde kaken
- De vrouwtjes hebben een lange legboor die onder de dekschilden uitsteekt
Ontwikkeling
- Volledige gedaanteverwisseling
- Ontwikkelingsduur van ei tot volwassen huisboktor 3 tot 11 jaar
- Eistadium 1 tot 2 weken, larve stadium 4 tot 5 jaar (soms 11 jaar), popstadium 2 tot 4 weken, imagostadium 3 tot 4 weken
- In juni t/m september komen de kevers uit het hout om te gaan paren, waarna het vrouwtje ca. 200 eitjes legt
- Een temperatuur van 25°C en hoger en een hoge relatieve luchtvochtigheid is gunstig voor de ontwikkeling van de huisboktorlarve
Leefwijze
- De uit de eitjes komende larven boren zich ter plaatse in het hout en maken daarin boorgangen, die geheel met boormeel gevuld worden en een ovale doorsnede hebben
- Het houtoppervlak is vaak rimpelig als gevolg van de druk uit de boorgangen op het dunne fineerlaagje dat nog intact gebleven is. In de regel wordt de toekomstige uitgang naar buiten al voor de verpopping uitgeknaagd. Er blijft slechts een zeer dun laagje hout aanwezig, waardoor de kever later een uitvliegopening knaagt.
- De uitvliegopening is ovaal, lengte 6 tot 9 mm, gewoonlijk met een gerafelde rand
- Het boormeel vertoont cilindrische deeltjes en heeft daardoor een unieke structuur: korte ronde staafjes met grof poeder
Schade
- Huisboktorren tasten vaak dakconstructies aan
- Dikke, dragende balken kunnen in enkele jaren nagenoeg geheel worden verpulverd; bij grenen wordt alleen het spinthout aangetast
- Bij vuren wordt ook het kernhout aangetast
Wering/preventie
- Loofhout of verduurzaamd naaldhout toepassen
- Naaldhout voor verwerking controleren op aanwezigheid van de huisboktor
- Bij toepassing van naaldhout dit zorgvuldig schilderen of lakken zodat er geen eitjes op het houtoppervlak gelegd kunnen worden
|
|